• BROMMERS KIEKEN 2026_2

Techniek – Motor – Z 22, 1922, Motor

Hierbij een nieuw topic voor het onlangs gevonden Z 22 blok uit 1922, met een heel laag blok- en cilindernummer (onder de 500), dus een heel vroeg exemplaar.

Ook bij dit blok weer een paar leuke bijzonderheden, die ik graag met jullie wil delen.

De bougie met een veel grotere schroefdraad dan de standaard 14 mm die we kennen:

Detail van de decompressieklep:

Typisch voor die periode: M8 met sleutelmaat 14 mm:

De cilinder en kop bestaan uit één geheel, in het Duits “Sackzylinder”, die je bij de cilindervoet los maakt:

De cilinder ging er gemakkelijk vanaf:

Flinke zuiger (van gietijzer :D ), 62 mm boring, met een 11 mm zuigerpen:

Ondanks de pittting nog in een redelijke staat:

Zuigerveren met een dunnen stalen band erachter:

Nog een paar details van de zgn. kamzuiger:

Best fijn gietwerk:

De cilinder heeft ook wat pitting, maar geen krassen:

En het geheel past mooi bij elkaar, ik denk dat het ondanks de pitting nog wel wil lopen ook:

Een lange dunne drijfstang en een “afgesloten” carter, de omkeerspoeling loopt langs de achterkant:

Het geheel draait soepel rond en heeft geen voelbare speling, wel lijkt het alsof de drijfstang iets getordeerd is, maar daar ga ik niets aan doen, veel te bang dat zoiets breekt…

Ondanks het best fijne gietwerk weegt die zuiger toch een goede 400 gram:

De technische gegevens:

Boring: 62 mm

Slag: 70 mm

Inhoud: 211 cc

Vermogen: 2,25 pk bij 2.600 rpm

Lange slag dus en weinig toeren, dat gaat prima met zo’n klomp van een zuiger :cool:

Ik zie wel wat overeenkomsten met een zuiger van een Lanz Bulldog:

Een echt luchtfilter hadden deze motoren ook niet en smering was druppel-smering uit een apart tankje via een koperen leidinkje naar de krukastappen en naar een smeergaatje in de cilinderwand. Op het olietankje zit wel een klein kraantje, ik denk dat je daarmee ook de hoeveelheid druppels kon regelen

Tegenwoordig wordt alles zo ontworpen, dat het nog net heel blijft, minder materiaal, minder gewicht, meer vermogen, minder verbruik. Kijk naar de Stellantis-blokken, knap gebouwd, maar na 100.000 km is het mooie er wel vanaf… Tot de jaren ’60 werd alles nog voor de “eeuwigheid” gebouwd. Geldt ook voor wasmachines en heel veel andere gebruiksartikelen. Wat is aan het eind van de rit nu het meest duurzaam?

Hoe de krukas afgedicht is, is niet 100% duidelijk. Ik meen me van mijn vorige Z22 blok te herinneren dat er een groef in de krukaslagers gestoken is, ik kan me goed voorstellen dat daar een soort vetpakking-achtige afdichting in heeft gezeten. Er zit in ieder geval één enkele groef in het messing/ bronzen (?) lager, te hoogte van waar de oliesmering in het lager komt.

Mij vermoeden is dat die oliefilm die daar ontstaat de eigenlijke afdichting is, denk ook niet dat de onder- en overdruk heel groot zijn in zo’n blok, dus als er voldoende “lengte” is in het lager, tussen krukwang en de smeerkamer, zal het meeste wel in het carter blijven…

En vroeger deed men niet zo moeilijk over een paar druppels olie op de grond :mrgreen:

Hierbij een paar detail-foto’s van de carters en de lagerbussen:

Carter rechts:

Met smeergat en smeergroef in de lagerbus:

Carter links:

Met smeergat vanaf de carterwand schuin naar beneden in de smeergroef van de lagerbus:

En met een soort labyrint keerring. Op zich werkt dat zo’n lamellen- of labyrint keerring prima en heeft het voordeel dat het niet slijt of hard wordt zoals bij “normale” keerringen.

Wel belangrijk om te kijken of de krukaslagers niet versleten (of ooit geweest) zijn, daardoor kan het geheel uitgesleten zijn en werkt het geheel niet meer optimaal.

Kwestie van van tevoren goed meten: is er geen slijtage: gewoon lekker zo laten :duimpje::

En nog een paar detail-foto’s van de krukas:

Vandaag de cilinder klaargemaakt, voorzichtig met glasparel gestraald, gespoten met hittebestendige verf, schroefdraden opgefrist en de cilinderwand lichtjes gehoond:

Alsnje goed kijkt, zie jet het nummer dat “matcht” met het blok:

Bovenop komt de decompresseur:

Het bougiegat:

Een paar details van de decompressieklep:

Eén van beide olie-smeer-aansluitingen:

Dan met de krukas aan de gang:

Lagerkap, drijfstang en lagerschalen zijn genummerd:

De smeerkanalen:

Die na het boren weer met een prop dichtgemaakt zijn:

Het lijkt erop dat de krukas niet door Zündapp zelf gemaakt werd, ik zie een logo, maar kan het niet ontcijferen:

En weer in elkaar:

Is allemaal niet meer helemaal perfect, zitten wat loopsporen in, maar draait wel redelijk spelingsvrij rond.

En hier nog een paar details van de gietijzeren zuiger:

Ook deze is natuurlijk niet meer als nieuw, maar loopt wel heel netjes door de cilinder. Ik vraag me af of die stukjes bandstaal die achter de zuigerveren zaten vaker toegepast worden?

Carters opgeknapt:

Hier zie je een afgedopt gat van de boring van de carterwand naar het glijlager:

Een “dicht” carter:

De andere helft:

Oliesmeergat:

Aftapgat van het carter:

Krukas erin:

Blokje sluiten:

Voetpakking:

Zuiger monteren, hier in ODP:

… en in BDP:

Heel voorzichtig de cilinder erop zetten:

Carter-aftapplug:

Zuiger onderin: uitlaatpoort open:

Zuiger bovenin: inlaatpoort open:

En nog een paar plaatjes van hoe het geworden is:

Er ontbrak nog 1 olie smeer nippel, die voor de cilinderwand. Die heb ik nagemaakt aan de hand van het andere Z22 blok uit een stukje messing: